Categories
7"

7-inch series, part 686 – Supermatic

Supermatic – Bumrush the Sound
label: Go Bang!
year: 1991
side a: Bumrush the Sound
side b: Power of the Dark Side
www.automaticmusic.nl

Supermatic - Bumrush the Sound 7"

Ah yes, the Go Bang! sound. Wasn’t really a big fan at the time, I must admit, but it was pretty exciting anyway. D-Shake (who is now called Alex Cortiz) was one of the DJs who had a show at the Amsterdam FM radio station where my man Fernand and I hosted a Friday morning show called Vibes (yeh, really), and many of the other Amsterdam spinners did their thing there as well. Which came in handy when chatting up girls, “yeah I have a radio show at AFM, you know where Paul Jay and Per and so on are playing. Yeah they’re really cool guys” even though I hardly ever saw them. By the time they actually heard our show it was too late.

I went to some of Per’s parties in some big warehouse in the middle of nowhere and they were pretty good. The gabber sound was developing, which I found pretty boring, but the stuff that later became jungle was awesome.

Supermatic’s sound now doesn’t seem so loud but at the time it was a bit. Even though I liked all that Go Bang! stuff a lot this is one of the few releases on it I own.

“Bumrush the Sound” video.

Categories
7"

7-inch series, part 657 – Soul II Soul

Soul II Soul
label: Ten
year: 1990
side a: People
side b: Feelin’ Free
www.soul2soul.co.uk

7-soulIIsoul-people

I bought a totally cool Soul II Soul shirt at Maz & Paul Jay‘s Wild! shop on the Kerkstraat in Amsterdam and a few weeks later I was deejaying in Amsterdam for the first time at the Queens Day event the radio station I was working at was having outside the building on the Rembrandtplein. We were broadcasting live and I was playing these very hot tunes and people were dancing and I was wearing this totally cool shirt and there were two lovely ladies looking at me and smiling and I was twenty years old and I felt like a king. When I came back to my two by three meter shack that morning I looked at my totally cool shirt on the bed and I thought shit I’m so stoned I can’t even see the beautiful Soul II Soul print on it, but when I woke up the print still wasn’t there, or only half and it turned out it had gone after washing it the wrong way so it was ruined and I felt like a prick because it had cost me way too much money and I had been prancing around in it all night feeling like a king.

Great record though that first Soul II Soul album. Very much lived up to its title.

Here’s a video of another Soul II Soul classic, “Keep on Movin'”.

Categories
7"

7-inch serie, deel 11 – The Aboriginals

The Aboriginals – Girl Meets Boy
label: Kelt
jaar: 1987
kant a 1: Girl Meets Boy
kant a 2:
Wales
kant b 1:
Alcohol
kant b 2:
Roll Away

Ik kan me nog een “interview” herinneren dat ik met dit viertal deed op Amsterdam FM, waar ik een programma presenteerde begin jaren negentig. Ik had me nauwelijks voorbereid, omdat ik het bij interviews altijd op het gesprek laat aankomen, erop vertrouwend dat de tongen vanzelf wel loskomen. Maar dan moet de geïnterviewde wel in een praatgrage bui zijn, en dat waren de vier niet, die middag. De moed was me al in de schoenen gezonken toen ze binnen waren gekomen. Meer dan een zuinig “hallo” en een zwak handje kon er niet af. Nu vond ik hun muziek leuk (ze hadden net hun debuutalbum uitgebracht) en Geert de bassist was een held, want ook bassist geweest bij Fatal Flowers (of hij toen al bij Claw Boys Claw, een andere favoriete band van me, zat, weet ik niet meer), dus ik hoopte toch dat het wel goed zou komen.

Maar het kwam niet goed. Hun zwijgzaamheid, of misschien was het wel verlegenheid, hoewel ik daar volgens mij geen aanleiding toe gaf, ik bedoel, ik was maar een broekie met een slecht beluisterd muziekprogramma op de lokale radio. Hun zwijgzaamheid dus, had op mijn gesprekopgangbrengend vermogen een verwoestende werking. Ik klapte dicht, en stelde alleen stomme vragen, type “hoe werken jullie in de studio?” of “hoe komen jullie songs tot stand?”. Precies de vragen waar ik eigenlijk een hekel aan heb omdat iedereen ze stelt, en dus niks toevoegen aan wat men al weten kan. De band werkte ook niet echt inspirerend, doordat de leden bij iedere vraag een spelletje “wie het eerste zijn mond opentrekt is een sukkel” deden, en de uiteindelijke sukkel van dienst deed zijn of haar uiterste best om zo min mogelijk woorden te gebruiken om een antwoord te formuleren.

Maar op dat moment gaf ik enkel mijzelf de schuld. Ik zweette peentjes achter de microfoon en mengtafel (want ik deed zelf de techniek). Tot overmaat van ramp zette ik het interne geluid van hun microfoons aan terwijl er een plaat speelde, om te horen wat ze zeiden tegen elkaar. Zij zaten namelijk in zo’n geluidsdicht aquarium, en ik zat aan de andere kant van het raam. En natuurlijk hoorde ik Marieke de toetseniste nog net zeggen “hij heeft helemaal niks voorbereid, dat is toch wel het minste wat je kunt doen als je een band gaat interviewen” of iets in die geest. Ik zette meteen dat knopje weer uit, kreeg een enorme boei en dacht “oh god ze zien mijn rooie kop en nu weten ze natuurlijk dat ik die microfoon aan heb gezet oh god oh god wanneer houdt dit op?”, waarna ik nog roder werd.

Enfin, dat was dus één doffe ellende. Het was de eerste keer dat me zoiets overkwam (niet de laatste) en ik heb me nog dagen vreselijk gevoeld, ik schaamde me dood. En ik vond het nog wel zo’n leuk bandje. Ik kwam ze later natuurlijk overal tegen bij optredens van andere bandjes in het Amsterdamse, en als ik ze dan groette kreeg ik een wat zurig “hallo” terug, met zo’n misprijzende blik erbij. “Jij bent die sukkel die het niet nodig vond je voor te bereiden op het interview dat je met ons deed. Lul, jullie medialui zijn allemaal hetzelfde. Mislukte muzikanten zijn jullie, die niets beters te doen hebben dan mensen die wel een noot kunnen spelen te kakken zetten, uit pure frustratie om je eigen falen. Loser.” Of ik dacht dat toch te lezen in hun ogen.

Over de band zelf is hoegenaamd niets terug te vinden op het interweb. Een biopagina zonder bio bij het NPI, wat releasedata op de site van Da Capo/Kelt en een vermelding op een playlist van Radio Mortale. Er is een meubelmakerij die de naam draagt van toetseniste Marieke Koet, en Bart Vleming (die op dit singeltje drumt, maar op de eerdergenoemde lp niet, en dus ook niet bij dat interview was) heeft later met Bob Fosko in Hakkûhbar gezeten en een liedje gemaakt voor de SP, en was bovendien Boom Boom Bart in de videofilm Vet Heftig – de video. Tenminste, ik denk dat dat dezelfde Bart Vleming is.

Als ik mijn vriend Frank niet gebeld had, zou ik niet geweten hebben dat The Aboriginals nog bestaan. Drummer Wouter Overhaus, die dus niet op dit singeltje drumt maar wel op het debuutalbum, en bijgevolg aanwezig was bij het interview, is namelijk de man achter Van Gog, waar Frank ook werkt. Frank vertelde me dat ze vorig jaar nog een cd hebben uitgebracht, en dat Nanne van der Linden nog altijd de zanger is, en Marieke de bassiste. Waarom is daar niks over te vinden op het net? Zelfs geen MySpace. Iederéén heeft toch een MySpace? Zelfs ík heb een MySpace.
Wat ik dan wel weer heel stoer vind. Twintig jaar bestaan als band en onvindbaar zijn in cyberspace. Het kán dus wel.