De geheimenman

Home   /   De geheimenman

De man met het zwarte haar keek droevig voor zich uit. Hij nam een trek van zijn sigaret en hief het hoofd.
“Weet je wat het is? Mijn familie. De hele geschiedenis van mijn familie is een aaneenschakeling van donkere geheimen en onderlinge ruzies. En niemand praat erover. Ik zie het allemaal gebeuren en ik leg de verbanden, omdat men blijkbaar heeft besloten dat ik degene ben met wie je praten kunt. Dus iedereen vertelt al zijn problemen tegen mij. Maar ik wordt altijd gedwongen tot geheimhouding. Ik ben een vat vol geheimen die ik nergens kwijt kan. Een geheimenman. Altijd al geweest. Dat is mijn tragiek. Daar ben ik door gevormd. Daardoor kan ik nauwelijks een normale relatie hebben met een vrouw. Want ik hou alles wat mij gebeurt, wat mij bezighoudt, voor mezelf. Net als de rest van de familie. Weet je wat mijn allereerste herinnering is? Mijn moeder die ligt te neuken met een man die niet mijn vader is. Haar geschrokken gezicht. Oom Poeproep die van haar afspringt en naar me toe loopt om me de kamer uit te werken. Dat zwiepende, schuin omlaag wijzende zwarte ding tussen zijn benen, terwijl zij roept dat ik terug naar de woonkamer moet, lekker spelen. Maar dat was nou juist waarom ik haar zocht. Ik was met een brandweerauto aan het spelen en het touwtje waarmee ik hem voorttrok was tussen de wielen gekomen en ik kreeg het er niet meer uit.”
“Oom Poeproep?,” vroeg ik.
“Ja, oom Poeproep, ja. Hij was een vriend van mijn ouders. Hij kwam heel vaak op bezoek en dan maakte hij poepgrapjes. Dan liet hij een harde scheet en dan zei ik of mijn broertje iets van gadverdamme, en dan zei hij altijd ‘Wie het eerste roept heeft gepoept’, en dan lachten we allemaal. Een lange zwarte man met haar als de Jackson 5. Maar je mist de essentie. Het gaat niet om oom Poeproep, het gaat erom dat ik hier nooit over kan praten met mijn moeder of iemand anders van de familie. Het zou een fantastische anekdote zijn als het niet zo… beschamend was. Je moest eens weten hoe vaak ik bij dineetjes heb zitten popelen om dat verhaal te vertellen. Kun je het je voorstellen? Zitten we lekker aan de koffie met gebak na het eten, sigaretje erbij. Schoonvader die vertelt hoe zijn kleinzoon alles oppikt wat hij hoort, woorden nazegt en zinnen begint te vormen. Schoonzus die zich hardop afvraagt hoe veel een kind zich nog zal kunnen herinneren later, van deze tijd. En één voor één vertellen de tafelgenoten wat hun eerste herinnering is. Leuke verhaaltjes, maar dan kom ik. ‘Mijn eerste herinnering is dat ik mijn moeder betrapte met haar buitenman. Hij had een hele grote piemel die half hard en glimmend heen en weer zwiepte.’ Doodse stilte. Schoonmoeder die als eerste iets zegt. ‘Iemand nog koffie?’ Zie je het voor je?”
Ik begin te lachen, maar hij kijkt me verwijtend aan.
“En mijn eigen moeder kan ik daar al helemaal niks over zeggen. Die arme vrouw zit iedere zondag in de kerk boete te doen voor haar scheiding tig jaar geleden. Ze heeft het al zwaar genoeg, met haar rug en zo. Met haar zieke zuster, van wie ik weet dat ze in de jaren zeventig door haar man werd gedwongen de hoer te spelen. Met haar pas gescheiden broer, van wie ik weet dat er geen jaar is geweest in zijn huwelijk dat hij niet achter de rug van zijn vrouw de ene na de andere snol in zijn bed lokte. Met haar zieke moeder, van wie ik weet dat zij haar man aan de kant heeft gezet toen ze zwanger was van mijn moeder, in plaats van andersom. Peyton Place is er niks bij.”
De man stond op.
“Ik ga maar eens,” zei hij somber. “Tabee.”
Hij sjokte van me weg. Na een paar meter stond hij stil en keek om.
“Aan niemand kan ik het kwijt!,” riep hij uit. “Niemand!”
Toen verdween hij de hoek om, en ik haalde mijn opschrijfboekje en pen uit mijn binnenzak, om trefwoorden uit zijn verhaal te noteren, opdat ik het niet zou vergeten.

Tweet Tweet Tweet

Recently, Chez Lubacov

Gathering Dust

Categories