jack martens

Home   /   jack martens
Jack Martens

gisteren kreeg ik te horen dat jack martens vorige week is doodgegaan. jack was mijn elftalleider bij unitas. hij was de coolste van alle elftalleiders, want hij deelde zijn biertjes met ons, wist goordere moppen dan wij te vertellen, en zat vol met goeie verhalen over zijn studententijd in amsterdam. soms kwamen we met het hele elftal bij hem thuis – hij woonde in een piepklein flatje in de [toen nog] nieuwbouwwijk ‘plan hooghuys’ in etten-leur. dan dronken we bier en rookten sigaretten, en we belden wildvreemden op met lollige boodschappen. of we bestelden taxi’s voor de buren, en dan keken we uit het raam hoe de buurman reageerde.
hij gaf me mijn eerste bandje van nick cave & the bad seeds. “the firstborn is dead”, geweldige plaat. op de b-kant stond “soul mining” van the the, de ruimte die overbleef had hij opgevuld met een paar nummers van lene lovich. ik had die muziek nog nooit gehoord, en ik vond het prachtig. ik heb het bandje nog steeds, net als dat van the specials en madness dat hij me later gaf.

jaren later, toen ik zelf in amsterdam woonde, ben ik een keer in café ‘de engelse reet’ geweest, een pijpenla die jack’s stamkroeg was geweest. ik ging alleen voor de naam, ik vond dat iedereen die zichzelf respecteerde ooit in een café met zo’n prachtige naam geweest moest zijn.

ik heb hem al sinds 1989 niet meer gezien, maar ik heb altijd gedacht dat ik hem nog eens tegen zou komen. vorige week vrijdagochtend werd hij, na bezoek aan zijn stamkroeg de avond ervoor, dood in het portiek van zijn woning gevonden.
vaarwel, jack.

Posted in txt

4 thoughts on “jack martens

  1. Ondanks dat je iemand jaren niet gezien hebt kan het toch nog hard aankomen als je hoort dat iemand dood is.
    Ik had ook iemand waar ik doordat ik in dezelfde klas zat op de middelbare school vaak mee omging ,maar nooit buiten schooltijd.
    In 1982 voor het laatst gezien.
    En jaren later( begin jaren’90) dacht ik hem nog eens tegen te komen op straat in den Haag in een drukke winkelstraat. Enkele weken geleden hoorde ik van iemand die naast de stiefouders van die jongen woonde dat hij op ouderjaarsavond 1999 een pot met pillen ingenomen had en dood is gevonden op nieuwjaarsdag. Raar dat het bericht me toch nog raakte ondanks dat ik diegene in geen 20 jaar gesproken had. Zal wel komen omdat je dan toch weet dat je diegene definitief nooit meer zal spreken of zien. Lena Lovich… My lucky number One. Mijn twee nichtjes kregen ruzie onderling omdat 1 van hun die single met mij geruild had. Er zat ook een kale gitarist bij Lovich band.En Nick Cave’s ‘Firstborn is Dead’ geweldig vooral het nummer ‘Knockin on Joe’.
    En Madness Nightboat to Cairo ik draaide dat nummer tientallen malen achter elkaar.

  2. Hierbij een zéér late reactie op het stukje van 10.02.2003 over Jack Martens.

    Ik hoorde, via een bevriende Amsterdamse café-eigenaar (inderdaad: de bekende Teun van De Pilsener Club alias De Engelse Reet), pas tegen het eind van 2008 van het overlijden van Jack Martens, met wie ik circa zeven jaar (1976-1983) samen op de studentenflat aan de Grote Wittenburgerstraat 167 (tegenwoordig: Windroosplein) in Amsterdam heb gewoond. Beiden waren wij ook lid van de studentenvereniging U.S.A. (voluit: Unitas Studiosorum Amstelodamensium), waarvan wij ook beiden in het bestuur gezeten hebben: ik van 1977-1979 en Jack van 1978-1980; in 1979-1980 was hij Rector (voorzitter). Jack was een van de meer kleurrijke leden van onze vereniging, die een belangrijke rol heeft gespeeld in de U.S.A. in de late jaren ’70, toen de vereniging zo’n beetje geheel opnieuw moest worden opgebouwd. Verder was Jack in tal van (vrienden-)clubjes binnen de U.S.A. actief, waarvan ik hier alleen noem de cabaretafdeling “Kabere Knal”, waarin Jack, zoals dat bij hem paste, een sleutelrol vervulde (zijn “debiel-act” was in die jaren legendarisch). Ook herken ik zeer de opmerkingen in de oorspronkelijke bijdrage op deze site over het plaatjes draaien (Jack had hiervan een uitgebreide verzameling en wist er veel van) en het schuine moppen tappen van Jack. Jack had ook altijd veel plezier van het sexpatertje dat hij op zijn kamer had staan, en waar de afdelingskat Henkie (die hij later, als groot kattenliefhebber, meegenomen heeft naar Etten-Leur) altijd zo van schrok.

    Dit is wat mij op deze maandagochtend even te binnen schiet, maar met de “complete Jack” zou minstens een boekdeel te vullen zijn. Ik kijk achteraf dan ook met genoegen terug op mijn omgang met Jack (al vond ik het wel een vreemde ervaring dat ik pas 5,5 jaar na zijn overlijden daarvan op de hoogte kwam).

    Amsterdam, 25 oktober 2010 * Olof Bekedam

Leave a Reply to erwin Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Tweet Tweet Tweet

Recently, Chez Lubacov

Gathering Dust

Categories