Bookless: Strange Day EP

Home   /   Bookless: Strange Day EP
Strange Day EP

Bookless is schrijfster en muziekjunk te Madrid, Spanje, hoewel oorspronkelijk afkomstig uit México DF, Mexico. Op haar eigen website publiceert ze haar schrijfsels in haar eigen taal, hier op Chez Lubacov staan enkele vertalingen.

Aarón kwam langs op kantoor en ik was verrast, want vandaag had ik niet vergeten de tupperwaredoos met de macaronikliekjes van gisteravond uit de koelkast te halen voor de lunch. Ik besloot ze dan maar voor de avond te bewaren en ik ging met hem naar het restaurant waar ik bijna altijd naartoe ga als ik niks te eten heb meegenomen naar het werk. We begonnen te praten over zijn problemen en over die van ons, die ik eerlijk gezegd geen problemen vind maar meer een opeenstapeling van kleine onplezierige voorvallen. Uiteindelijk, toen we het dessert al besteld hadden, zei hij dat de conversatie nergens naartoe ging, en ik neem aan dat hij hetzelfde vond van onze relatie, want hij zei dat het beter zou zijn als we uit elkaar gingen.

Zoals te verwachten, wist ik niks te zeggen en de hele maaltijd veranderde plotsklaps in een gigantische luchtbel die ieder moment zou kunnen knappen. Ik keek alleen maar naar de tv, om zijn blik te ontwijken, maar de ober ging er recht voor staan en ik moest iets doen. Ik vroeg hem om een sigaret en stak haar op. Aarón begon te lachen, wat me zeer ongepast leek, gezien wat hij zojuist besloten had, en ik vroeg hem wat er te lachen viel. Hij zei dat hij het grappig vond dat ik om een sigaret vroeg terwijl ik daar helemaal geen zin in had. En ik herinnerde me ineens dat ik roken niet meer lekker vind en drukte de sigaret uit.

We liepen naar buiten en we zeiden niets gedurende de 40 meters die het restaurant van mijn kantoor scheiden. Aarón zei uiteindelijk dat hij bij zijn ouders in zou trekken, en ik werd verdrietig. Hij afscheid van me, alsof ik zomaar een vriendin was, en ik werd nog triester. Hij zei dat ik een goed mens was, te goed voor hem, en ik voelde me verschrikkelijk, zo erg dat het woord “verdrietig” alle betekenis verloor en het veranderde in iets waarvan ik niet weet hoe het heet.

Ik probeerde het hele voorval te vergeten want ik was aan het werk en ik wilde niet dat iemand me zag huilen, en omdat ik weet dat huilen niets oplost. Ik begon te werken als een bezetene en ik zette alle liedjes op van Stevie Wonder, want toen ik klein was zette mijn vader die altijd op en dan dansten en lachten we. Maar ook dat hielp niet; het is al zo lang geleden dat ik hem niet gezien heb, en ik werd er nog triester van.

Plotseling zag ik hoe laat het was, en ik moest naar Jesús, die haast had omdat hij naar het voetballen ging kijken. Toen hij me vroeg hoe het met me was kon ik niet zwijgen over wat er was gebeurd, en hij zei me dat men drama’s moet proberen te vermijden, en hij gaf me een cd extra van For Stars, voor mij. Ik ging, want ik zag wel dat hij het druk had en dat hij haast had want hij moest op tijd zijn voor de wedstrijd. Ik ging naar de Calle Madera om bij Zinnia langs te gaan, maar ik besefte opeens dat ik in de verkeerde straat zat. Ik liep een blokje om en kwam bij haar gebouw terecht, maar ze was er niet. Ik besloot een plaat te gaan kopen want ik had geen zin om naar huis te gaan. Ik kocht de “Strange Day EP” van The Hacker en toen ik op straat liep zag ik dat hij beige was, net als de laatste drie platen die ik de zaterdag ervoor gekocht had, wat een vreemd toeval. Ik stopte in een winkel om voer te kopen voor de kat, en de meneer die me hielp vroeg of ik Whiskas of Friskies wilde. Ik zei dat Whiskas beter was want ik had gelezen dat Friskies dingen in het voer doet dat schadelijk is voor katten, en dat Friskies eigenlijk geboycot moest worden. De man keek me aan alsof ik Russisch tegen hem sprak, ik glimlachte stom naar hem en ik liep de winkel uit zodra hij me het wisselgeld had gegeven.

Op de trappen van de metro zat een jongen “The Model” te spelen op zijn Telecaster, en ik gaf hem een briefje van tienduizend peseta’s. Hij wilde het niet aanpakken, maar ik lachte en zei dat het okee was, en dat het ook geen vals biljet was, en ik liep naar het perron. De trein was net weg, maar het maakte niet uit want “The Model” is een van mijn favoriete Kraftwerk liedjes en bovendien gaf het niks dat ik laat thuis zou komen, omdat Aarón toch niet op me zat te wachten.

Voordat de trein gestopt was, zag ik dat mijn buurman de gek in de laatste wagon zat, dus ik liep naar de volgende, want ik had geen zin om hem te zien. Toen ik zat opende ik de cd van For Stars en ik begon de teksten te lezen, tot ik bij een nummer kwam dat “How It Goes” heet, en ik bijna begon te huilen om wat de tekst zei: “That’s how it goes babe/Friends they can’t be found/ People fade away/ Don’t be so amazed/ Cars can take them far/ We will be alone/ ……don’t be so profound/ You will be the star…”. Ik borg de cd op want ik had geen zin in gejank.

Toen ik de metro uit kwam probeerde ik zo langzaam mogelijk te lopen omdat ik mijn buurman niet tegen wilde komen, en plots zag ik dat ik vlak achter hem liep. Ik wilde niet dat hij me met de plaat in mijn handen zag, want voor hem is het niet meer dan een duivels ding dat geluid maakt. Bovendien hou ik niet van zijn buien, noch van de manier waarop hij op de deur bonst om schreeuwend te vragen of de muziek zachter kan, en de onbeschaamdheid waarmee hij vervolgens naar mijn kat vraagt. Ik stopte bij de groentenwinkel om wat fruit te kopen, want ik wist dat ik hem vroeger of later in zou halen en dan zou een ontmoeting onvermijdelijk zijn. Ik had werkelijk nergens zin in, maar ik kocht twee rode pruimen. Terwijl ik wachtte op het wisselgeld, vroeg een meneer aan het kassameisje of haar vader soms chocolatier was. Ze vroeg hem waarom, en hij zei dat hij haar een bonbon vond. Alle dames lachten, en ook ik vond het grappig, maar ik kon niet lachen. Ik haalde een pruim uit het zakje en wreef hem op met mijn t-shirt totdat ik mezelf erin weerspiegeld zag. Toen ik erin beet keek ik een etalage binnen van een babykleertjeswinkel en ik dacht aan mijn zus die over 3 maanden een baby verwacht, en ik kreeg spijt van alle keren dat ik haar gepest had vanaf de dag dat ze geboren werd. Ze is allang niet meer het vervelende kind dat ze vroeger was, en ze ziet er prachtig uit met die dikke buik. Ik zocht mijn buurman met mijn blik en hij was al weg, vóór mij liep een mevrouw met haar zoontje. De jongen vroeg of ze een vis voor hem kocht, maar ze zei dat ze bijna op vakantie gingen en dan zou de vis dood zijn als ze terugkwamen. Toe vroeg het jongetje waarom ze het niet kocht en dat ze de vis toch bij “die mevrouw” konden laten om ervoor te zorgen tot ze thuiskwamen. De moeder zei dat de mevrouw er sowieso wel voor zou zorgen en dat ze haar daarvoor niet hoefde te betalen, maar haar zoon zei dat dat beter was want zo zou ze hem meer te eten geven, en als ze dan terug waren zou zijn vis de grootste van allemaal zijn. En ik herinnerde me hoe makkelijk het leven was toen ik klein was en er niets onmogelijk was, en dat de wonden slechts pijn deden totdat er een korst op kwam. Dat je de zekerheid had dat de persoon van wie je het meeste hield er altijd voor je zou zijn.

Toen ik de lift uitkwam zag ik Whisky, de kat van de buurman, en buurman groette me en hij vroeg me naar mijn kat. Ik deed de deur open en daar ontving zij me spinnend en wel, en de buurman zei dat als ik ooit eten nodig had voor de kat, ik maar aan hoefde te kloppen, en hij aaide haar. Ik bedankte hem, sloot de deur en ik voelde me de stomste persoon ter wereld.

Tweet Tweet Tweet

Recently, Chez Lubacov

Gathering Dust

Categories