januari 2004 Archief
Ik ben niet bang voor de tandarts [want ik heb heel goed gepoetst]
Gisteren wenste ik ten enen male dat ik een goede digitale camera had, en dat ik die altijd bij me zou dragen, voor het geval er zich een Hallmark-moment voordoen zou. Ik lag horizontaal, een felle halogeenlamp op mijn gezicht gericht, een rubberen lap over mijn mond gespannen met een tweetal klemmen, op een verstelbare zetel in een crème-kleurige kamer ergens in het centrum van Antwerpen, terwijl een jongeman mij bewerkte met verschillende soorten pinnen, naalden, boren, tangen, een zuigslang en een machine die *ping!* deed.
De laatste keer dat ik bij de tandarts was geweest was twee weken geleden, en de keer daarvoor zeven jaar. Dat was in Madrid, bij een Britse tandarts. Een jaar daarvoor was tijdens een vreetfestijn op een bruiloft één van mijn linkerbovenkiezen afgebroken. Op dat moment was ik al negen jaar niet naar de tandarts geweest, uit pure angst. Een jaar lang leefde ik zonder pijn, maar in 1997 kwam hij toch, en er zat niets anders op dan een dokter te zoeken. Nu had ik al een onredelijke, panische angst voor de tandarts, en na verschillende horrorverhalen te hebben aangehoord van Spaanse vrienden, was ik vastbesloten niet naar een Spaanse arts te gaan. Gelukkig zijn Britten ook in Spanje Britten, dus ik had de Britse tandartsen voor het uitzoeken. De man van mijn keuze liet mij hem bij zijn voornaam noemen (Nigel) en toonde alle begrip voor mijn angst. Hij stelde me gerust en hij begon aan de reconstructie van mijn kies.
Nadeel van een Britse tandarts in Madrid was wel dat de kosten niet door het Spaanse ziekenfonds vergoed werden, dus bij ieder bezoek (de reconstructie zou in etappes plaatsvinden) lapte ik 30.000 pesetas. Totdat mijn geld opraakte. De verherbouwing was pas halverwege, en Nigel protesteerde hevig, maar ik besloot toch de behandeling stop te zetten. Ik zou wel weer terugkomen als ik weer geld had.
Niet dus. De pijn was weg en met een halve kies kon ik best leven. Het enige wat ik moest doen was iedere dag een paar keer goed mijn tanden poetsen met Parodontax. Mij gebeurt nooit wat, en als me wat gebeurt, wat niet zo is, dan ben ik onoverwinnelijk, en mijn gebit ook.
Een maand geleden (mijn kies was inmiddels weer verdwenen, maar ik had er geen last van) verloor ik een vulling van één van mijn tanden aan de rechterkant. Iets zei me dat het niet lang zou duren eer ik opnieuw over mijn angst heen zou moeten stappen en een nieuwe tandarts aanschaffen.
Een week later merkte ik een zwelling op aan mijn rechteronderkaak. Het was donderdag, en ik besloot dat ik de maandag erop een tandarts zou bellen. Die avond deed mijn kaak pijn, en ik wist van gekkigheid niet meer wat ik moest doen. Ik nam een slok rum, om de pijn te verdoven. Slecht idee. De pijn verhevigde, net als de zwelling. Ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan.
De nieuwe tandarts was me aanbevolen door een vriendin, en ik weigerde een andere te zoeken toen de assistente me op woensdag (de pijn was in de dagen ervoor gezakt, reden genoeg om nog niet te bellen - Okee! Ik ben een idioot! Sleep me maar voor de rechter) meedeelde dat ik pas een week later geholpen zou kunnen worden wegens een overvolle agenda. Een paar uur later belde ik nog eens en vertelde over de zwelling en over mijn jaren zonder tandartsbezoek. Geschokt beloofde ze me dat ze zou kijken of er niet toch nog ergens een, eh, gaatje in de agenda van haar baas kon vinden. Ze zou een half uur later terugbellen.
Zo geschiedde, en hosannah in den hoge, er was een gaatje. De volgende dag ging ik langs, en ik kreeg antibiotica voorgeschreven om de ontsteking, of althans de zwelling, te doen verdwijnen.
Die middag nam ik op zijn aanraden twee antibioticapillen en een pijnstiller (Brufen 600) in, om er 's avonds nog één van elk te slikken. Na het nemen van de tweede dosis (het antibioticum tijdens het eten, de pijnstiller erna) kwam een pijn opzetten die ik nog nooit gevoeld had. Afgezien van mijn tandartsangst heb ik ook een enorme hekel aan doktoren, ziekenhuizen en alles wat met de medische wereld te maken heeft, wat maakt dat ik nooit naar de dokter ga als ik ergens last van heb. RSI, pijn in de onderrug, steken in mijn been, hevige hoofdpijnaanvallen, sinusitis, ik verdraag de pijnen totdat ze overgaan (Okee! Ik ben een idioot! Sleep me maar voor de rechter). Maar deze pijn was ondragelijk. Het leek of mijn hoofd op het punt stond in tweeën te splijten. Huilend van de pijn, het meisje de stuipen op het lijf jagend, lag ik op bed.
Een uur later was het voorbij. De week die volgde nam ik iedere dag drie antibioticapillen en drie pijnstillers. De zwelling verdween, en gisteren was het dus tijd om aan het echte genezingsproces te beginnen.
Daar lag ik dan, met een zwaar verdoofde rechteronderkaak, als een soort Hannibal Lecter. Een uur en drie kwartier duurde het. Ik ben geen moment bang geweest en ik vroeg me, terwijl de man met de boor steeds dieper mijn tand in ging en naalden in de wortelkanalen stak, af waarom ik in godsnaam zo lang niet naar de tandarts had gedurfd. Het enige dat me echt stoorde was het nare geluid van het apparaat dat *zzzzjiiiiiiiiiiiiiiiii* deed.
Jammer dat ik geen camera bij me had.
final acceptance subject to available cabin space

De lift 1
Ik liep naar de onofficiële liftplaats bij de stoplichten op de President Kennedylaan. De echte liftplaats was de Utrechtsebrug over en ik had even geen zin om zo ver te lopen. Er stonden al een aantal lifters, dus in gedachten maakte ik toch de gang al naar de Utrechtsebrug. Eerst even proberen.
"sta je hier al lang?," vroeg ik de jongen met het bordje "Antwerpen" in zijn hand.
"Een paar uur," antwoordde hij met Vlaamse tongval. De moed zonk me in de schoenen. Ik moest naar Breda, dezelfde richting dus als de Vlaming. Ik liep een eindje van hem vandaan en zette mijn tas neer. Ik haalde mijn karton met "Breda" erop uit de tas en richtte me op. Ik keek recht in het gezicht van een dikke man met een mullet en gouden ringen in beide oren. Hij keek me olijk aan, zijn linkerarm losjes hangend uit het raampje van zijn witte Mercedes 500SEC. Naast hem zat een zonnebankbruine man met kort gepermanent haar en een bruine bontjas.
"Zo jongen, moet jij naar Breda?," klonk het in vet Amsterdams.
"Dat heeft u goed gelezen, ja," zei ik, me voorbereidend op een spervuur aan flauwe grappen, nog effe snel voor het stoplicht op groen ging.
"Na, stap maar in dan."
Ik kon mijn oren niet geloven. Nog geen minuut had het geduurd om een lift te krijgen. De Vlaming kwam aangespurt. "Hee, ik moet naar Antwerpen, kan ik niet mee tot aan Breda?"
De dikke bekeek hem van top tot teen. "Ben jij een Belg?"
De Vlaming stotterde verbaasd van ja.
"Da's nou jammer."
"M-maar..."
"Groen!," riep de dikke en hij gaf volgas. Ik keek achterom en zag de Vlaming tieren, zijn vuist in de lucht. De bruine bontjas keek ook. Hij lachte een vette lach. "Duizend bommen en granaten!," riep hij. "Gekke Belgen, die moet ik niet in m'n auto hoor." Hij knipoogde naar me. "Hoe heet jij?"
"Dave."
"Zo, hallo Dave. Ik ben Rinus, en hij hier heet Hannes."
Ik lachte, denkend dat hij een geintje maakte. De twee leken namelijk uit een slecht toneelstuk van het Theater van de Lach weggelopen met hun potsierlijke kledij en met goud behangen lichamen. De namen Rinus en Hannes moesten haast wel verzonnen zijn. Maar Rinus lachte niet. "Valt er iets te lachen?"
Ik haastte me om nee te zeggen, en de bontjas draaide zich weer om.
"Wat ga je doen in Breda?," vroeg Hannes.
Ik had afgesproken met een vriendin die mij wilde gebruiken voor een fotostudie, dus ik zei dat ik naar een afspraak moest.
"Met een wijf? Ga je met een wijffie afspreken?" Weer die vette lach, en ik lachte maar wat mee. "wat voor kleur haar heeft ze?"
"Rood," zei ik, en de twee begonnen te joelen.
"Wooooo! Hij heeft een afspraak met een rooie! Nou dan weet ik wel wat jij gaat doen jongen!"
Ik kon niet geloven dat ik met twee zigeuners in een witte Mercedes 500 SE Coupé met 170 kilometer per uur over de A2 scheurde, terwijl mijn gastheren de ene na de andere cliché-oneliner eruit gooiden.
"Hij gaat neuken, hahahaaaaaa!," riep Rinus.
"Hee, even serieus," zei Hannes. "Je weet wat ze zeggen over roodharige wijven he. Ik zou maar oppassen als ik jou was, zo'n jong broekie." Hij keek me met pretoogjes aan in zijn achteruitkijkspiegel.
Intussen pakte Rinus een krant tevoorschijn. Het was de Telegraaf, en hij sloeg de pagina open waar altijd rechtszaken behandeld werden, met een tekening erbij van de verdachte. De verdachte kwam me bekend voor. Ik boog voorover om beter te kunnen kijken, toen Rinus uitriep: "Heee! Pedro staat in de krant!"
Het was inderdaad Pedro, een Spanjaard die vroeger met mijn tante getrouwd was geweest en een enorme gangster was.
"Hahaaa! Die Pedro. Eindelijk beroemd." De twee gilden van het lachen, en ik ook. Ik was in een klucht terechtgekomen. Rinus draaide zich om. "Wat lach jij nou?"
"Nou, eh, ik ken Pedro ook."
Hannes keek me weer aan via zijn spiegel. "Oh ja joh? Hoe dan?"
"Hij was vroeger getrouwd met mijn tante."
"Hoe heet je tante dan?"
"Patricia."
Rinus en Hannes keken elkaar aan. "Teeeeering! Ben jij familie van Patries? Niet te geloven! Dus Pedro was je oom? Haha, lekkere familie heb jij." Rinus schaterde. "Hoe gaat het met 'r? Het is zeker vijftien jaar geleden dat ik die gezien heb. Dat was een wilde, hoor."
"Het gaat wel goed met haar. Ze woont weer in Spanje."
"Ja natuurlijk, die kan niet zonder die Spanjolen. Ik wed dat ze..." Rinus stopte omdat Hannes hem aanstootte. Ik besloot er niet naar te vragen, en wees op het artikel. "Wat heeft hij gedaan?"
"Hij zal wel weer een partijtje pillen hebben gesmokkeld," zei Hannes. "Of wapens." Nu was het Rinus die Hannes een por gaf. Hannes keek me aan. "Da's een slechte hoor, die oom van jou."
"Ik weet het," zei ik.
Plots klonk er een luide knal, en de auto begon te slingeren. Mijn hart zat in mijn keel en Hannes vloekte hartgrondig. In een paar seconden bracht hij de auto tot stilstand op een niet al te gunstige plaats, aan het einde van een oprit. De auto's raasden langs ons heen, en Rinus stapte uit. Hij liep naar achteren en kwam weer terug. Door het raampje zei hij dat we een klapband hadden.
"Godverdegodverdegod." Hannes keek achterom om te zien of het veilig was om uit te stappen, maar het was spitsuur en het verkeer hield niet op. Hij wurmde zijn grote lijf naar de passagierskant en stapte uit. Ik ging ook. De twee stonden voorovergebogen over de kofferbak, op zoek naar een moersleutel. De krik lag al naast de auto. Ik keek mee, maar Hannes keek op. "Wat doe jij?"
"Kijken of ik kan helpen," zei ik.
"Jij gaat lekker in de auto zitten. Hier, rook een saffie." Hij hield me een pakje Davidoff voor. "Hier heb jij niks te zoeken. Wij handelen het wel af."
Ik nam een sigaret, liep naar de voorkant van de auto en ging zitten op de vangrail. Waar was ik in godsnaam in beland?
dégoutant!

archieven
In plaats van te doen wat ik vandaag moet doen [nl. een artikel schrijven voor kindamuzik] heb ik oude koeien uit de sloot gehaald. Ik heb gisteren namelijk een cd'tje gevonden waar met dikke zwarte letters "back up" op staat. Toen ik bekeek wat er dan wel allemaal op staat kwam ik mijn verloren gewaande archieven van januari tot en met augustus 2001 tegen. In die tijd deed ik mijn updates nog handmatig, dus zonder blogtool, dus het is een monnikenwerk om die weer in het juiste format online te zetten. Als ik nu iedere dag een maand doe, ben ik eind volgende week klaar en is chezlubacov.org weer helemaal compleet. Woe!
Grappig om die oude meuk weer te lezen. Ik was toen wel oneindig veel actiever qua updates. Veel linkeriger, ook. De hele maand staat hiero, er zijn een hoop dode links maar er zijn ook enkele hoogtepunten die ik er uit wil lichten:
* een link naar de pagina van een man die stof uit zijn navel verzamelt
* een postje over Arthur Conley waarin ik twijfel of de mensen van Vice Mag hem wel echt gesproken hebben [toen hij vorig jaar de pijp aan Maarten gaf hoorde ik dat hij al die tijd in Ruurlo had gewoond en inderdaad tapijtontwerper was geweest]
* mijn gesprek met John Lennon
Ja ja, lachen hoor. Nou.
momi
peter is een nieuwe blog begonnen gewijd aan muziek: my own music industry.
*zet blogroll aan*
diep fraaid
new mix online in /radio/.
Diep Fraaid

Taking a dive into the frying pan with all kindsa greasy stuff.
specs
title: diep fraaid
file: realaudio
duration: 75 mins.
playlist:
Funkadelic - Mommy, What's a Funkadelic?
Nino Ferrer - Freak
John Barry - The Persuaders Theme
David Holmes - Rodney Yates
Tony Allen vs. Cinematic Orchestra - Brotherhood
Fela Kuti & the Africa 70 with Ginger Baker - Black Man's Cry
Saul Williams - Ohm
Beastie Boys - Shambala
The Brothers - Brothers Groove
The Marvels - Rock Steady
Jurassic5 - Concrete Schoolyard
Ma Futura feat. Hylton Smith - Penny Dun Drop
Alex Attias Presents Mustang - Nuclear War
Yotoko - Heaven and Earth
Hoe een vermakelijke anekdote over het slachten van een kip een ander verhaaltje over mozzarella en een geslacht geitje losmaakt
Ik las net een goed verhaal bij Blue-log over zijn eerste kippenslachting.
Ik koop geregeld een zakje mozzarella ("modzarèèlll," zeggen het meisje en ik altijd, vrij naar Tony Soprano) van Santa Lucia bij de GB. Ik hou van mozzarella, zeker als ze vers is. Maar daar hebben we meestal geen poen voor. Santa Lucia is een redelijk alternatief. Als ik eens gek wil doen koop ik de bufala-versie voor extra smaak. Als ik dan 's avonds de kaas uit het zakje haal doe ik dat boven de gootsteen, zodat het water weg kan lopen. Op die momenten komt steevast de herinnering naar boven aan de keer dat ik voor het eerst een geit geslacht zag worden.
Ik was 9 jaar en we waren op vakantie in Salobre, het bergdorp in het zuidoosten van La Mancha, Spanje, waar mijn (stief)vader vandaan komt. Die dag zouden we een picknick houden ergens nog hoger in de bergen, met de hele familie. De vrouwen (ma, tante Julia en oma) waren in de keuken bezig om broden in de manden te doen, worsten, kazen, flessen wijn en frisdrank in te pakken, terwijl in het achterste gedeelte van de stal die aan het huis van opa en oma vastzat de mannen (pa, oom Paco en opa) voor het vlees zouden zorgen. Ik was buiten aan het voetballen met mijn broertje en een hele stoot andere kinderen die allemaal mee zouden gaan. Toen ik een klagelijk gemekker uit de stal hoorde komen ging ik kijken. Pa stond voorovergebogen over een klein geitje, hij hield het bij de hoorns vast. Opa stond ernaast met een enorm mes, en oom Paco hield een koekenpan in zijn handen. Net toen ik pa wou vragen wat ze aan het doen waren stak opa het mes dwars door de strot van het geitje. Ik bleef stokstijf staan en zag hoe het beest spartelde tussen de benen van mijn vader. Het mekkeren was een soort rochelen geworden, en oom Paco hield de pan onder de wond om het bloed op te vangen. Opa keek op en lachte naar me terwijl hij iets onverstaanbaars zei tegen mijn vader, die ook naar me keek en lachte. Ik weet niet hoe lang het duurde, maar op een gegeven moment was het geitje stil en spartelde het niet meer. Ook de bloedstroom was opgehouden, en oom Paco liep met de pan naar de keuken. Toen pakten pa en opa het geitje en begonnen het te villen. Het beest was rood en zag er vreemd uit. Het vel hingen ze te drogen aan een waslijn. Pa zei dat ik terug moest naar buiten, voetballen, en dat we zo weg zouden gaan.
Later bij de picknick was het geitje erg lekker, en toen ik aan mijn moeder vroeg wat dat donkerrode spul was met die kratertjes erin en stukjes knoflook, zei ze dat dat het gebakken bloed was van datzelfde geitje.
Als ik dan het water uit het zakje mozzarella wil laten lopen houd ik het zakje stevig vast zodat het water aan één kant komt te zitten. Dan steek ik het mes erin en komt het water eruitgespoten.
Ik voel me dan een hele vent.
Misschien moet ik het meisje eens vragen of ze een pannetje onder de snee wil houden om het water op te vangen.
tsj-tsjingggg!
ja, laat ik rob oudkerk chanteren met mijn exclusieve kennis over zijn prostituéebezoek en cocaïnegebruik.
De gast die niet thuiskwam die avond

this month's quote
just music
tonight, i will be mostly spinning funky choons with the dewey sakitumi.
feel free to pop in and buy me a belated burfday drink!
he rules. oh yes, he rules

he's done it! I couldn't see the match because of the dunk broadcast [which is now online here, by the way], I only saw a little piece, when barney had taken a 3-0 lead. so imagine my surprise this morning when i found out the viking had beaten the sucker 5-4. woo!, i say woo!
more woo!s for the lovely miss bareuh who is no doubt celebrating her birthday big style in grunnen today. congrats!, i say congrats!
and finally maybe a little woo! for me, as i'm turning 34 today. woo, i whisper woo.
Barney baaad! Fordham goood!
I've been watching the Lakeside Darts championships this week and I've found a new hero: andy "the viking" fordham. after his victory over darryl fitton he'll be throwing against raymond van barneveld in the semi-finals, and i so hope he wins. i can't stand van barneveld. i find there's something really unpleasant about him, i don't know what it is... maybe it's the way he beats himself up in public over a lost match. or the way he looks at the audience after he's won, like he's the king of the world, but in a bad way. i mean, everybody feels like the king of the world after having played [and won] a fantastic match, but he gets really cocky, and not in a funny way. that's it i think: he lacks humour. he's a fantastic player though, and he's probably going to keep his title.
andy fordham is majestic. impressive. funny. and most of all, he's got an incredibly well-groomed mullet. he should be champion forever. go andy!
large amounts of text
Right. The year has kicked off and I thought it might be a good idea to get that copywriting/translation thing I've been thinking of for ages now going. So I did. Well, online, anyway. Here tis: www.lappentext.com. I just hope I didn't make any mistakes with the English and Spanish texts. That would be quite stoopid, now wouldn't it?
So go on, give us a job then. You know you want to.
about*blank
#19 is online, in een nieuwe vorm en al.
coverlog leeft weer
raoul en ik hebben coverlog gereanimeerd met niet één maar twee nieuwe covers: kate bush' 'running up that hill' en nirvana's 'all apologies'. woe! zeg ik. woe!
De geheimenman
De man met het zwarte haar keek droevig voor zich uit. Hij nam een trek van zijn sigaret en hief het hoofd. "Weet je wat het is? Mijn familie. De hele geschiedenis van mijn familie is een aaneenschakeling van donkere geheimen en onderlinge ruzies. En niemand praat erover. Ik zie het allemaal gebeuren en ik leg de verbanden, omdat men schijnbaar heeft besloten dat ik degene ben met wie je praten kunt. Dus iedereen vertelt al zijn grieven tegen mij. Maar ik wordt altijd gedwongen tot geheimhouding. Ik ben een vat vol geheimen die ik nergens kwijt kan. Altijd al geweest. Dat is mijn tragiek. Daar ben ik door gevormd. Daardoor kan ik geen relatie hebben met een vrouw. Want ik hou alles wat mij gebeurt, wat mij bezighoudt, voor mezelf. Net als de rest van de familie. Weet je wat mijn allereerste herinnering is? Mijn moeder die ligt te neuken met een man die niet mijn vader is. Haar verschrikte gezicht. Oom Ja Of Ja die van haar afspringt en naar me toe loopt om me de kamer uit te werken. Dat zwiepende, schuin omlaag wijzende zwarte ding tussen zijn benen, terwijl zij roept dat ik terug naar de woonkamer moet, lekker spelen. Maar dat was nou juist waarom ik haar zocht. Ik was met een brandweerauto aan het spelen en het touwtje waarmee ik hem voorttrok was tuseen de wielen gekomen en ik kreeg het er niet meer uit."
"Oom Ja Of Ja?," vroeg ik.
"Ja, oom Ja Of Ja, ja. Hij was een vriend van mijn ouders. Hij kwam heel vaak op bezoek en dan maakte hij grapjes. Dan vroeg hij iets waarop ik of mijn broertje antwoord moesten geven maar dan zij hij zelf altijd snel 'Ja of ja?', en dan lachten we allemaal. Een lange zwarte man met haar als Michael Jackson en zijn broertjes. Maar je mist de essentie. Het gaat niet om oom Ja Of Ja, het gaat erom dat ik hier nooit over kan praten met mijn moeder of iemand anders van de familie. Het zou een fantastische anekdote zijn als het niet zo ... beschamend was. Je moest eens weten hoe vaak ik bij dineetjes heb zitten popelen om dat verhaal te vertellen. Kun je het je voorstellen? Zitten we lekker aan de koffie met gebak na het eten, sigaretje erbij. De vader van mijn echtgenote vertelt over hoe het zoontje van mijn zwager alles oppikt wat hij hoort, woorden nazegt en zinnen begint te vormen. Mijn schoonzus die zich hardop afvraagt hoe veel een kind zich nog zal kunnen herinneren later, van deze tijd. En één voor één vertellen de tafelgenoten wat hun eerste herinnering is. Leuke verhaaltjes, maar dan kom ik. 'Mijn eerste herinnering is dat ik mijn moeder betrapte met haar buitenman. Hij had een hele grote piemel die half hard en glimmend heen en weer zwiepte.' Doodse stilte. Mijn schoonmoeder die als eerste iets zegt. 'Iemand nog koffie?' Zie je het voor je?"
Ik begin te lachen maar hij kijkt me verwijtend aan. "En mijn eigen moeder kan ik daar al helemaal niks over zeggen. Die arme vrouw die iedere zondag in de kerk boete zit te doen voor haar scheiding, dertig jaar geleden. Ze heeft het al zwaar genoeg, met haar rug en zo. Met haar zieke zuster, van wie ik weet dat ze in de jaren zeventig door haar man werd gedwongen de hoer te spelen. Met haar pas gescheiden broer, van wie ik weet dat er geen jaar is geweest in zijn huwelijk dat hij niet achter de rug van zijn vrouw en kinderen de ene na de andere snol in zijn bed lokte. Met haar zieke moeder, van wie ik weet dat zij haar man aan de kant heeft gezet toen ze zwanger was van mijn moeder, in plaats van andersom. Peyton Place is er niks bij."
De man stond op. "Ik ga maar eens," zei hij somber. "Tabee." Hij sjokte van me weg. Na een paar meter stond hij stil en keek om. "Aan niemand kan ik het kwijt!," riep hij uit. "Niemand!" Toen verdween hij de hoek om, en ik haalde mijn opschrijfboekje en pen uit mijn binnenzak, om trefwoorden uit zijn verhaal te noteren, zodat ik het niet zou vergeten.
Destination UNKnown
yesterday's show online here.
happy happy joy joy
...for all y'all.
we went here to witness time shake off its 2003 skin and become 2004. the french don't know how to do the fireworks thing, that much became clear that night. it was very dark on the beach, but it was great. let's see if the rest of the year will be as good as the start.

